Waterpraat

Dan vaar je dus op het Kanaal van de Marne naar de Rijn en dat klinkt behoorlijk prestigieus naar drukte en scheepvaart, zou je denken… Niets is heden ten dage minder waar. Op het traject tussen Vitry-le-François en Toul, toch een afstand van een slordige 130 kilometer, zijn we welgeteld 3 spitsjes (of péniches) tegen gekomen! Dat tegenkomen is een onderneming op zich, want het bevaarbare gedeelte van het kanaal is door de jaren smaller en smaller geworden. De kanten zijn zo ondiep en een ontmoeting met een volgeladen péniche verloopt dan ook uiterst voorzichtig. Dat prestigieuze karakter is tegenwoordig dus geheel afwezig en sommige sluisjes lijken zo van lieverlee teruggegeven aan de natuur.

Sluisje in Canal de la Marne au Rhin

We vragen ons serieus af hoelang dit nog zo door kan gaan: de doorvaart van die anderhalve boot en een handjevol plezierbootjes kan toch niet opwegen tegen de enorme kosten van al die VNF-mensen, die met hun autootjes in de weer zijn om, door achterstallig onderhoud onwillige sluisjes – en dat zijn er nogal wat! – weer aan de praat te krijgen? De tijd zal het leren…

Canal de la Marne au Rhin

Het totale kanaal heeft een lengte van 314 kilometer en is in gedeelten opengesteld tussen 1851 en 1853. Het bevat tegenwoordig, naast heel veel sluisjes, verschillende kunstwerken als aquaducten,

P1220624

tunnels en het Hellend Vlak van Arzviller, dat met een hoogteverschil van 44,5 meter niet minder dan 17 sluizen vervangt. De twee tunnels die wij tot nu toe op dit kanaal tegenkwamen, hebben een lengte van bijna 5 kilometer en iets minder dan 1 kilometer. Door die van 5 kilometer, het Souterrain van Mauvages, werden tot voor kort de bootjes getrokken door een ‘toueur’: een scheepje dat zich elektrisch, via een ketting op de bodem van de tunnel, door de tunnel trok met een sleep van een aantal scheepjes achter zich aan. Die toueur ging eenmaal per dag de ene en eenmaal per dag de andere kant op. De reden van deze manier van doorvaart lag in het feit dat er geen luchtverversing in de tunnel aanwezig was en de uitgestoten dieseldampen dus in de tunnel zouden blijven hangen.

Toueur voor het Souterrain de Mauvages

Bij de ingang van de tunnel ligt de toueur nu van zijn pensioen te genieten (en hoogstwaarschijnlijk tot stof te vergaan). Tegenwoordig mag je er dus op eigen kracht doorheen. Er wordt een tijd van doorvaart afgesproken en een medewerker van de VNF fietst het hele traject, gehuld in warme regenkleding, met je mee om in geval van calamiteiten te kunnen ingrijpen. In een klein uur zijn we er doorheen. Aan het begin van onze doorvaart hangen de dieseldampen van onze voorganger, een leeg péniche, nog duidelijk waarneembaar in de tunnel, gaandeweg wordt dat gelukkig minder…

We varen in dit kanaal overigens als door een drijvende tuin: het water is zó helder, dat we de waterplanten tot op de bodem kunnen zien en scholen vis ongehinderd kunnen volgen, fascinerend.

P1220756

Van Pargny-sur-Saulx varen we naar Bar-le-Duc, waar een onaantrekkelijk jachthaventje gecompenseerd wordt door een gezellige stad met een mooie bovenstad. Bar-le-Duc, met nu eens geen Manneke Pis als in Brussel maar een Manneke Fiets! Ze zijn hoogstwaarschijnlijk familie, die mannekes want de gelijkenis is treffend…

Bar-le-Duc, Manneke Fiets

In Bar-le-Duc, eens de zetel van de hertogen van Bar, proef je nog de Italiaans aandoende sfeer door de Renaissance-stijl waarin vooral de bovenstad ontworpen werd. Smalle straatjes met her en der fraaie uitzichten over Bar-le-Duc en omgeving. We trekken een extra dag uit om het stadje te verkennen. Het stadje, waar doorheen bovendien de Ornain stroomt en het daarvan afgetakte ‘Canal des Usines’, dat oorspronkelijk het noodzakelijke water leverde voor de verdediging van de Bourg en de ontwikkeling van ambachtelijke activiteiten.

Vrijdag varen we, geplaagd door tropische temperaturen, naar Ligny-en-Barrois. Het werk in de 16 sluisjes op dit stuk is niet echt leuk in deze hitte en eenmaal geschut zoeken we steeds zo snel mogelijk de schaduw weer op. Ligny-en-Barrois kan ons niet erg kan bekoren, hoewel het in een prachtige omgeving ligt. Nadere kennismaking zou ons hoogstwaarschijnlijk anders tegen dit stadje doen aankijken, wellicht een volgende keer. Na een verfrissende regen- en onweersbui in de avond, vertrekken we de volgende dag met aangenamer temperaturen naar Demange-aux-Eaux. Na het 5e sluisje begint een sluizentrap van 17 sluisjes. Een sluizentrap, die automatisch zou moeten gaan werken doordat we langs een elektronisch oog varen. We zien het oog, passeren het en er gebeurt…helemaal niks! We varen nog eens heen en weer langs het oog, weer niks. Nog eens terug; volgens ons groeit er struikgewas voor het cruciale gedeelte van het oog. We kruipen zo dichtbij als mogelijk is in verband met de ondiepe kanten en ik duw met de verlengde pikhaak wat plantengroei opzij en wapper eens heen en weer voor het onwillige oog, weer niks. Ten einde raad zoeken en vinden we een ietwat minder ondiep kantje en ik spring van boord om me op de sluis te melden voor doorvaart. Helemaal geen probleem mevrouw, ik zet alles aan en het komt goed…

Sluizentrap Canal de la Marne au Rhin

en dat komt het ook, zoals alles uiteindelijk! Aan een steigertje genieten we daarna van een heerlijke namiddag en avond en van het pétanque-concours dat zich aan de overkant van het kanaal afspeelt. Natuurlijk wordt aansluitend gebarbecued, wij tonen ons solidair en gaan ook mee in de grote rookmakerij. Voor de volgende ochtend hebben we om 9 uur ‘rendez-vous’ met onze tunnelbegeleider, die en passant ook nog even het laatste sluisje voor de tunnel bedient. Om 10 over 9 gaan we maar eens bellen, het blijkt een half uurtje later te worden en wij bezitten onze ziel in zaligheid, geen straf trouwens in deze temperaturen. Eenmaal de tunnel weer verlaten, wacht ons de volgende sluizentrap. Twaalf exemplaren dit keer en appeltje-eitje, want na de tunnel varen we een dal in, dus schutten we naar beneden! In Void vinden we een plekje voor de nacht, dwalen wat door het aardige stadje

en spelen ’s avonds nog een spelletje met onze vrienden uit Yerseke, die zich weer bij ons gevoegd hebben. De volgende ochtend vertrekken we in alle vroegte. Er wacht ons een stuk van, jawel wel 16 kilometer zonder sluisjes!! Omdat we pas om 9 uur door de tunnel – ons eerste kunstwerk van vandaag – mogen, kunnen we nu lekker vroeg vertrekken en dat doen we ook. Heerlijk varen, zo met niks omhanden, hoewel de eerlijkheid gebiedt om toe te geven, dat het ook al snel wat saai wordt. Bij de tunnel is nog geen teken van leven. Het licht staat niet op rood, niet op groen, het is gewoon dood – of in slaap, wat waarschijnlijk dichter bij de waarheid komt. We dobberen wat, zien het licht in de tunnel ontwaken en jawel hoor, ook de lichten beginnen tekenen van leven te vertonen! Dubbel groen nog wel, nou als dat niet betekent dat we erdoor mogen, dan weten wij het ook niet meer, dus….gáán met die banaan!!

Het is ook eigenlijk een tunneltje van niks: 600 meter en als je erin vaart, zie je het licht aan het eind van de tunnel al – wat altijd mooi is, natuurlijk! Nog twee sluizentrapjes scheiden ons daarna van Toul en van de jachthaven. Een jachthaven met superkorte vingersteigertjes en ultra-behulpzame booteigenaren, die allemaal het beste met ons voor hebben en ieder voor zich het beste weten hoe we moeten aanleggen en vervolgens allemaal aan onze lijnen beginnen te trekken. Over onze hoofden heen wordt in het Duits, Frans en Engels met elkaar overlegd hoe een en ander aan te pakken, waarop ieder voor zich vervolgens toch gaat doen wat hem (of haar) het beste lijkt. Van enig contact tussen Fred en mij is allang geen sprake meer, en dat is volgens onze ‘helpers’ ook helemaal niet nodig: zij weten toch hoe het moet? Het eind van het verhaal is, dat unaniem besloten wordt dat wij goed liggen. Wij vinden dat dus absoluut niet, die vingersteigertjes zijn veel te kort voor onze Knipmes. Met behulp van de havenmeester, die we uiteindelijk bereid vinden om zijn licht ook eens op het hele gebeuren te laten schijnen, vinden we een plekje langszij een grote engelse boot. Dat vindt de hele internationale gemeenschap dan ineens ook véél beter….gelukkig!

4 gedachten over “Waterpraat

  1. Hè wat een gave foto’s!
    En een leuke van Doris op de boeg van de boot.
    Ben heel benieuwd naar jullie verhalen van het weekend….
    Doe voorzichtig en tot vrijdag

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *